Pancratiusparochie Sloten






Delen:
meld deze pagina op Twitter meld deze pagina op Facebook
Volgen:
link naar de RSS Feed van de laatste nieuwsberichten volg Pancratiusparochie op Twitter volg Pancratiusparochie op Facebook

Gedachten bgv het 55-jarig priesterjubileum

gepubliceerd: maandag, 3 juni 2013
Gedachten bgv het 55-jarig priesterjubileum

Een vraag die ik in de voorbije weken nogal  eens kreeg: ‘wilde u als kind altijd al priester  worden of wilde u ook wel iets anders worden?’ Het priester worden speelde altijd wel in mijn gedachten maar ik had nogal wat twijfels of ik wel goed genoeg, vroom genoeg was. En ik zou als oudste van ons gezin dan niets meer bijdragen. Als ik naar het seminarie ging zou ik kosten i.p.v. wat verdienen.

Maar toen ik 15 werd hoorde ik dat je erna niet meer welkom was op het klein seminarie. Toen moest ik beslissen en liet aan mijn moeder weten dat ik priester wilde worden. Haar reactie was: ‘Wat? Wat verbeeld jij je wel?! Dat wordt niets met jou..’ Zij vond mij blijkbaar ook niet goed – vroom genoeg. Mijn vader keek er anders tegen aan. Hij zei tegen moeder: ‘hij is niet minder dan een ander. Gaat het niet, er is werk genoeg. Dan kom je maar weer naar huis’.

Na 13 jaar studie werd ik 31 mei 1958 door Mgr. Huibers in de kathedraal tot priester gewijd. En ik werd in september 1958 benoemd tot tweede kapelaan van de O.L. Vrouw Geboorte te Uitgeest. Daar was ik een zeer gelukkige priester.

Na twee jaar kreeg ik een nieuwe benoeming: ik werd tweede kapelaan in de Pius X parochie in Amsterdam, Nieuw West, Slotervaart – Overtoomse veld. Ik was er gelukkig maar minder dan in Uitgeest. Na bijna 5 jaar werd ik kapelaan in de St. Jan de Evangelist in  Breezand – 6 jaar kapelaan, 12 jaar pasto(o)r. Daar werd ik zwaar overspannen en logeerde 8 maanden bij mijn broer in Heiloo. In september 1983 werd ik benoemd tot pastoor in de Pancratius en 2 oktober van dat jaar er geïnstalleerd. Ik ben er nu 30 jaar maar sinds 1999 met emeritaat. Ik ben geen lid meer van het kerk­bestuur of ander bestuur. Verder is mijn leven als priester Ora et labora, Bid en Werk.

Ik begin mijn dag met: Lieve Heer, hier ben ik, voor u en de mensen, dan kruisteken en bid verder: ‘Goede God, Schepper en Vader, ik dank U voor de genoten nachtrust en voor deze nieuwe dag. Ik vraag U: open mijn hart, mijn geest en zintuigen, opdat ik, met alles wat ik ben, heb en kan Uw naam Vader, Zoon en Geest  eer er de mensen zo tegemoet, leef dat wij elkaars leven verrijken. Schep daartoe in mij een luisterend hart en een opmerkzame Geest.

 Gij zijt het eeuwig glorie licht, Christus, hoop van ons bestaan. Van God de Vader uitgegaan, geboren als een mensenkind. Reik mijn zwakheid nu de hand en wek mij op tot waakzaamheid opdat mijn hart, U toegewijd voor het goede brandt. Gij ziet met liefde op mij neer, o Christus die alle mensen leidt. U zij de lof in eeuwigheid, de Vader en de Geest zij eer… Kom H. Geest vervul mijn hart , ontsteek in mij het vuur van Uw liefde’. 

Erna bid ik beneden, op mijn werkkamer, mijn brevier de gebeden die De  Kerk verwacht dat alle priesters die iedere dag bidden.

Lobora: Wat doe ik zo al? ’s Maandags het parochieblad schrijven. Om de 6 weken de liederenlijst samenstellen voor de zaterdag organist en Nederlandse koor. Preek voor­be­rei­den door gebed en meditatie. Vraagt soms veel inspanning. Bezoeken van zieken en aan huis gebonden parochianen. Weduwen en weduwnaars bezoeken en nogal wat jarigen. Doop gesprekken en gesprekken met bruidsparen. Voor­be­rei­dingen op Uitvaarten, Communie brengen naar zieken. Gast heer zijn bij vergaderingen op de pastorie. Bijna alle dagen een half uur  tot drie kwartier wandelen (en trimmen) om in conditie te blijven , om er te kunnen zijn als priester voor u. Ik bid dan mijn rozenkrans.

Ik ben echt blij priester voor u te zijn. Ik voel mij een gelukkig, waardevol mens. En ik hoop dat nog een paar jaar voor u, bij u, te mogen zijn.

Prettig weekeinde, Uw parochiepriester,

Pastoor Th. J. Bankras.