Vandaag wil ik de christelijke hoop confronteren met de realiteit van de dood, een realiteit die onze moderne samenleving steeds meer neigt te ontkennen. "> Vandaag wil ik de christelijke hoop confronteren met de realiteit van de dood, een realiteit die onze moderne samenleving steeds meer neigt te ontkennen. " /> Pancratiusparochie Sloten - Blog

Pancratiusparochie Sloten






Delen:
meld deze pagina op Twitter meld deze pagina op Facebook
Volgen:
link naar de RSS Feed van de laatste nieuwsberichten volg Pancratiusparochie op Twitter volg Pancratiusparochie op Facebook

Wees niet bang, maar blijf geloven

door paus Franciscus

gepubliceerd: zaterdag, 21 oktober 2017

Beste broeders en zusters, goedemorgen!

Vandaag wil ik de christelijke hoop confronteren met de realiteit van de dood, een realiteit die onze moderne samenleving steeds meer neigt te ontkennen. Wanneer de dood dan arriveert voor wie dichtbij ons staat of voor onszelf, blijken we onvoorbereid; zonder een passend ‘alfabet’ om zinvolle woorden te schetsen rond dit mysterie, dat echter blijft bestaan. De eerste tekenen van de menselijke beschaving verlopen echter precies via dit raadsel. We zouden kunnen zeggen dat de mens wordt geboren met de verering van de doden.

Andere beschavingen, voor die van ons, hadden wel de moed om de dood in de ogen te kijken. Het was een gebeurtenis waarover door de ouderen verteld werd aan de nieuwe generaties. Als een onontkoombare realiteit die de mens dwong te leven voor iets dat absoluut is. In psalm 90 staat: “Leer ons zo onze dagen te tellen dat ons wijsheid des harten gewordt” (vers 12).

Onze dagen tellen zorgt ervoor dat ons hart wijs wordt! Het zijn woorden vol van gezond realisme die het delirium van almacht verjagen. Wat zijn wij? We zijn “haast niets”, zegt een andere psalm (vlg. 88,48); onze dag vliegen razendsnel voorbij: ook al worden we honderd, aan het einde ervan zal het lijken alsof het allemaal in een zucht voorbij is gegaan. Hoe vaak heb ik oude mensen niet horen zeggen: “Mijn leven is voorbij gevlogen...”.

Zo toont de dood ons naakte leven. Het doet ons ontdekken dat onze daden gedaan uit trots, woede en hart ijdel waren: pure ijdelheid. We komen er verbitterd achter dat we niet genoeg hebben liefgehad en dat we niet hebben gezocht naar dat wat essentieel was. We zien dan datgene wat we daadwerkelijk aan goeds hebben gezaaid: de geliefden waarvoor we ons hebben opgeofferd en die nu onze hand vasthouden.

Jezus heeft het mysterie van de dood verlicht. Met zijn gedrag toont Hij ons dat we ons verdrietig mogen voelen als een geliefde ons verlaat. Hij was ten diepste geroerd bij het graf van zijn vriend Lazarus, en “begon te wenen” (Joh. 11,35). Door zijn houding voelen we Jezus, onze broeder, heel dichtbij ons staan. Hij huilde om zijn vriend Lazarus.

En dus bidt Jezus tot de Vader, bron van het leven, en geeft Hij Lazarus opdracht om uit het graf op te staan. En dat gebeurt ook. De christelijke hoop wordt geïnspireerd door deze houding die Jezus aanneemt ten opzichte van de menselijke dood: als die aanwezig is in de schepping, is het echter ook een smet die het plan van Gods liefde besmeurt, en de Verlosser wil ons ervan bevrijden.

Elders wordt er in de evangelieverhalen gesproken over een vader met een erg zieke dochter. En hij wendt zich vol geloof tot Jezus, opdat Hij haar redden zal (vlg. Marc. 5,21-24.35-43). Er is geen figuur ontroerender dan een vader of een moeder met een ziek kind. En meteen gaat Jezus met die man, Jaïrus, mee. Op een bepaald moment komt iemand aan de deur van Jaïrus en vertelt hem dat het meisje dood is en dat het niet meer nodig is om de Meester ermee te storen. Maar Jezus zegt tegen Jaïrus: “Wees niet bang, maar blijf geloven” (Marc. 5,36).

Jezus weet dat die man boos en wanhopig wil reageren, omdat zijn dochter is gestorven, en Hij vraagt hem om het vlammetje dat in zijn hart is ontstoken – het geloof – te bewaren. “Wees niet bang, maar blijf geloven. “Wees niet bang, laat die vlam slechts branden!” En dan, thuis aangekomen, keert het meisje uit de dood terug en wordt ze levend aan haar geliefden teruggegeven.

Jezus plaatst ons op die ‘bergrug’ van het geloof. Aan Marta die huilt om het heengaan van haar broer Lazarus, toont Hij het licht van een dogma: ““Ik ben de verrijzenis en het leven. Wie in Mij gelooft, zal leven, ook al is hij gestorven, en ieder die leeft in geloof aan Mij, zal in eeuwigheid niet sterven. Gelooft gij dit?” (Joh. 11,25-26).

Dat is wat Jezus tegen ieder van ons wil zeggen, elke keer dat de dood het weefsel van het leven en van de liefde uiteen rukt. Heel ons bestaan speelt zich hier af, op de helling van het geloof en aan de afgrond van de angst. Jezus zegt: “Ik ben niet de dood, Ik ben de verrijzenis en het leven, gelooft gij dit?, geloof jij dit?” Wij die hier vandaag op het plein staan: geloven wij dit?

Wij zijn allemaal klein en hulpeloos ten overstaan van het mysterie van de dood. Maar wat een genade als we op dat moment in ons hart de vlam van het geloof dragen! Jezus zal ons bij de hand nemen, zoals Hij ook de dochter van Jaïrus bij de hand nam. En Hij zal nogmaals zeggen: ““Talita koemi”, “Meisje, Ik zeg je, sta op” (Marc. 5,41). En Hij zal het tegen ons zeggen, tegen ieder van ons: “Sta op, verrijs!”.

Ik nodig jullie nu uit om jullie ogen dicht te doen en aan dat moment te denken, het moment van onze dood. Laat ieder van ons aan zijn eigen dood denken, en stel je voor dat dat moment komt waarop Jezus ons bij de hand neemt en ons zegt: “Kom, kom met me mee, sta op.” Daar eindigt de hoop en is er de realiteit, de realiteit van het leven. Denk er eens goed over na: Jezus zelf zal naar ieder van ons toekomen en ons bij de hand nemen; met zijn tederheid, zijn zachtheid, zijn liefde. En laat iedereen in zijn hart Jezus’ woorden herhalen: “Sta op, kom. Sta op, kom. Sta op, verrijs!”

Dat is onze hoop ten opzichte van de dood. Voor wie gelooft, is het een deur die wijd openstaat. Voor wie twijfelt is het een straaltje licht dat door een deur schijnt die niet helemaal gesloten is. Maar voor ieder van ons zal het een genade zijn wanneer dat licht, van de ontmoeting met Jezus, ons zal verlichten.

overzicht van bijdragen:
zaterdag, 4 augustus 2018Wat is het eigene van het christelijk gebed?
zondag, 24 juni 2018een kind of een slaaf?
zaterdag, 28 april 2018Waarover gaat het leven eigenlijk?
zondag, 22 april 2018dankbaarheid
zaterdag, 31 maart 2018Pasen: de macht van de dood gebroken
zaterdag, 31 maart 2018Stille zaterdag
vrijdag, 30 maart 2018Waarom er naast de Gekruisigde twee anderen hingen te sterven
zaterdag, 17 maart 2018Gods wil onderscheiden, hoe doe je dat eigenlijk?
zaterdag, 6 januari 2018Kiezen voor het licht van Christus
dinsdag, 5 december 2017De moed om te aanvaarden dat men aanvaard is??
zaterdag, 2 december 2017Hoopvol verwachten
zondag, 5 november 2017Spirituele alzheimer?
zaterdag, 21 oktober 2017Wees niet bang, maar blijf geloven
zaterdag, 23 september 2017Wees niet bang om te dromen. Droom!
zaterdag, 9 september 2017God wil dat we dromen
vrijdag, 25 augustus 2017Kijk, ik maak alles nieuw
zondag, 20 augustus 2017een Licht op zoek naar jou
vrijdag, 4 augustus 2017Doopsel, begin van de hoop
vrijdag, 9 juni 2017God als Vader die niet zonder ons kan
zaterdag, 3 juni 2017Ik geloof in de heilige Geest
vrijdag, 26 mei 2017De weg van de hoop
zaterdag, 13 mei 2017Maria, moeder van hoop
maandag, 8 mei 2017Heb je dat wel eens?
vrijdag, 5 mei 2017Een flakkerend lichtje
maandag, 1 mei 2017Maria
dinsdag, 25 april 2017Bewaar mij in Uw liefde
maandag, 17 april 2017Bidden is je handen openen voor God
woensdag, 1 maart 2017De ander is een gave
dinsdag, 28 februari 2017Hoe ziet de wereld van God eruit?
zondag, 19 februari 2017Getuige van de verrezen Jezus?