Pancratiusparochie Sloten






Delen:
meld deze pagina op Twitter meld deze pagina op Facebook
Volgen:
link naar de RSS Feed van de laatste nieuwsberichten volg Pancratiusparochie op Twitter volg Pancratiusparochie op Facebook

Mei: Mariamaand

het geloof van Maria als weg voor ons eigen geloof

gepubliceerd: vrijdag, 1 mei 2015
 Virgin and Child, circa 126070, carved ivory. From the collection of the Metropolitan Museum of Art, New York, NY.
Virgin and Child, circa 126070, carved ivory. From the collection of the Metropolitan Museum of Art, New York, NY.

De maand mei wordt van oudsher ook wel Maria­maand genoemd. In deze maand is er bij­zon­dere devotie tot de H. Maagd Maria, de moe­der van Jezus. 

De eerste sporen van een maand bij­zon­der toegewijd aan de vere­ring van Maria komen uit het oosten. Bij de Kopten is het de­cem­ber, bij de Grieks-Byzan­tijnen au­gus­tus. In het westen is de mei­maand als Maria­maand een reactie op de hei­dense feesten die aan het begin van de mei­maand gevierd wer­den. Dit blijkt bij­voor­beeld als in 1579 de heilige Carolus Borromeüs in Milaan speciale Maria­de­vo­ties voorschrijft tegen uitlopers van deze excessen. Ook de heilige Filippus Neri bidt in de 16de eeuw met de Romeinse jeugd in de maand mei speciaal tot Maria.

De eigen­lijke Maria­de­vo­tie is van barokke oorsprong. De jezuïeten oefenen er in de 18de eeuw grote invloed op uit, waardoor de devotie tot een volks­de­vo­tie uitgroeit. Oor­spron­ke­lijk in de kring van het gezin, reli­gi­euze commu­ni­teit gepraktiseerd, ge­woon­lijk rond een versierd Maria­beeld, verovert de devotie gelei­de­lijk aan het kerk­ge­bouw. Via Italië ont­staat ook in Frank­rijk en Spanje een sterke devotie. In Duits­land is er aan­vanke­lijk nog enige reserve, maar omstreeks het mid­den van de 19de eeuw is de mei­maand­de­vo­tie verspreid over heel Europa, de Verenigde Staten en in de missie van China. Door de latere mis­sio­na­rissen wordt zij verspreid in alle missie­ge­bie­den.

Lumen Fidei

In de pau­se­lijke en­cy­cliek Lumen Fidei (Licht van het geloof) wordt het geloof van Maria als weg voor ons eigen geloof be­schre­ven:

ARTIKEL 5 - Zalig zij, die geloofd heeft (vgl. Lc. 1, 45)

In de gelijkenis van de zaaier heeft de heilige Lucas ons de woor­den over­ge­le­verd, waar­mee de Heer de bete­ke­nis dui­de­lijk maakt van de ‘goede aarde’: ‘Het zaad in de goede aarde zijn zij, die het woord dat zij hoor­den in een goed en edel hart bewaren en vrucht voort­bren­gen door hun standvas­tig­heid’ (Lc. 8, 15). In de context van het Lucase­van­ge­lie vormt de vermel­ding van een ‘goed en edel hart’ (een ver­wij­zing naar het woord dat gehoord en bewaard wordt) een indirecte voor­stel­ling van het geloof van de maagd Maria. Dezelfde evangelist spreekt over de her­in­ne­ring van Maria: alles wat zij gehoord en gezien had, bewaarde zij in haar hart, opdat het Woord in haar leven vrucht zou kunnen dragen. De moe­der van de Heer is een vol­ko­men icoon van het geloof, zoals ook de heilige Elizabeth uitriep: ‘Zalig zij, die geloofd heeft’ (Lc. 1, 45).

In Maria, de Dochter Sion, komt de lange ge­schie­de­nis van het geloof in het Oude Testa­ment tot vervulling, de ge­schie­de­nis met verhalen over veel gelo­vi­ge vrouwen, te beginnen bij Sara. Naast de aarts­va­ders waren zij de plaats waar Gods belofte tot vervulling kwam en er nieuw leven opbloeide. In de vol­heid van de tijd kwam het Woord tot Maria, en met haar hele bestaan nam zij het in haar hart op, opdat het Woord vlees zou aannemen en uit haar geboren zou wor­den als een Licht voor de mensen. De heilige marte­laar Justinus gebruikt in zijn Dialoog met Trypho een mooie uitdruk­king. Hij zegt dat Maria - toen zij de bood­schap van de engel aanvaardde - ‘geloof en vreugde’ ont­ving. 1 In de moe­der van Jezus heeft het geloof inder­daad ten volle vrucht gedragen. Wanneer ons gees­te­lijk leven vrucht­baar is, wor­den ook wij met vreugde vervuld. Dit is het dui­de­lijkste teken van de grootte van ons geloof. Maria heeft in haar leven de pelgrims­tocht van het geloof afgelegd in het voetspoor van haar Zoon. Op deze manier werd in Maria, de weg van het geloof van het Oude Testa­ment in de navol­ging van Jezus opgeno­men en veran­derd, door in te tre­den in de ziens­wij­ze van de mens­ge­wor­den Zoon van God.

We kunnen stellen dat in de gelukzalige maagd Maria vervuld wordt, wat ik eer­der al na­druk­ke­lijk heb be­klem­toond, name­lijk dat de gelo­vi­ge helemaal wordt geënga­geerd in zijn ge­loofs­be­lij­de­nis. Maria is door haar relatie tot Jezus nauw verbon­den met de inhoud van ons geloof. In haar maag­de­lijke ont­van­ge­nis hebben we een dui­de­lijk teken van het god­de­lijk zoon­schap van Christus. Christus is van eeuwig­heid geboren uit de Vader; daarom wordt Hij in de tijd geboren zon­der tussen­komst van een man. Als Zoon kan Jezus aan de wereld een nieuw begin en een nieuw licht schenken: de vol­heid van de trouwe liefde van God, die zich overlevert aan de mensen. Ander­zijds vormde het wer­ke­lijke moe­der­schap van Maria de waarborg, dat de Zoon van God een echte, men­se­lijke ge­schie­de­nis ont­ving en een echt lichaam, waarin Hij aan het kruis kon sterven en uit de doden kon opstaan. Maria was bij Hem tot onder het kruis, van­waar haar moe­der­schap zich zou uitstrekken tot elke leer­ling van haar Zoon. Na de ver­rij­ze­nis en hemel­vaart van Jezus was zij aanwe­zig in de zaal van het Laatste Avondmaal, om tezamen met de apos­te­len, de gave van de Geest af te smeken. De stroom van liefde tussen de Vader en de Zoon in de Heilige Geest heeft gevloeid door onze ge­schie­de­nis; Christus trekt ons tot zich om ons te kunnen Redden. In het hart van het geloof staat de belij­denis van Jezus als Zoon van God, geboren uit een vrouw, die door de gave van de Heilige Geest ons binnen­voert in het kind­schap van God. 

Gebed


Wenden we ons in gebed tot Maria, de moe­der van de Kerk en de moe­der van ons geloof.

Moeder, wil ons geloof bijstaan!

Open onze oren voor het Woord, opdat we de stem van God horen en zijn oproep herkennen.
Wek in ons het verlangen om zijn schre­den na te volgen, door ‘weg te trekken uit ons land’ en in te gaan op zijn belofte.

Help ons, dat we ons door zijn liefde laten beroeren, opdat wij Hem in het geloof zou­den kunnen aanraken.

Help ons, dat we ons geheel aan Hem toe­ver­trou­wen, dat we geloven in zijn liefde, vooral in de ogen­blik­ken van benauwd­heid en van het kruis, wanneer ons geloof wordt opge­roe­pen om te groeien en te rijpen.

Zaai in ons geloof de vreugde van de Verrezen Heer.

Herinner ons eraan dat wie gelooft, nooit alleen is.

Leer ons te kijken met de blik van Jezus; opdat Hij het licht moge zijn op onze levensweg; en moge het licht van het geloof voort­du­rend in ons blijven groeien, tot de dag komt zon­der avond: Jezus Christus zelf, uw Zoon, onze Heer!

 

Gegeven te Rome, bij Sint-Petrus, op 29 juni, het hoog­feest van de heilige apos­te­len Petrus en Paulus, in het jaar 2013, het eerste jaar van mijn pon­ti­fi­caat.


Fran­cis­cus